Waarom een combinatie van fiscale lasten en beleidskeuzes het fundament van onze sector bedreigt
Voor veel recreatieondernemers voelt het alsof het ondernemersklimaat steeds grijzer wordt. Niet vanwege slecht weer of tegenvallende boekingen, maar door de storm aan maatregelen die op het toeristisch mkb afkomt. Btw-verhoging, belastinghervorming, stijgende gemeentelijke lasten en banken die steeds vaker de deur dichtdoen voor B&B-initiatieven. Ondernemen in de verblijfsrecreatie is anno 2025 niet alleen een kwestie van gastvrijheid, maar ook van fiscale veerkracht en juridische wendbaarheid.
Een vakantie in eigen land? Straks 21 procent duurder
Per 1 januari 2026 wordt het btw-tarief op logies verhoogd van 9% naar 21%. Dat betekent dat een gezin dat nu € 900 betaalt voor een vakantieweek in Nederland, straks € 990 kwijt is – alleen al door deze maatregel. Volgens een recente impactanalyse uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Financiën zal een groot deel van deze verhoging worden doorberekend aan de consument.
De gevolgen? Volgens een peiling onder binnenlandse vakantiegangers overweegt 12% om niet meer in Nederland op vakantie te gaan. Bijna 40% zegt minder vaak te boeken. Voor ondernemers, zeker in grensregio’s, is dat een klap die bovenop de inflatie en kostenstijgingen komt.
Campings zijn (vooralsnog) uitgezonderd van de verhoging. Maar de sector houdt zijn hart vast: ook hier bestaat de vrees dat toekomstige kabinetten het hele speelveld alsnog gelijktrekken.
Bron: aaff.nl – 21 juli 2025
Box 3: belasting over rendement dat je misschien niet eens maakt
Met ingang van maart 2025 is het fiscale speelveld in box 3 gewijzigd. Verhuurders van vakantiewoningen mogen hun werkelijke rendement opgeven, in plaats van het forfaitaire bedrag. Klinkt logisch, zeker als je een matig jaar achter de rug hebt. Maar wie voor deze ‘tegenbewijsregeling’ kiest, verliest zijn heffingsvrije vermogen en moet de complete bewijslast dragen.
Voor veel kleinere ondernemers is dat een brug te ver. Een verhuurseizoen met regen of tegenvallende bezetting betekent direct een slechter rendement én extra fiscale risico’s. De nieuwe regeling zorgt voor onzekerheid, extra administratie en een hogere kans op een naheffing. Vooral particulieren die één of twee vakantiewoningen bezitten, voelen de druk.
Geen B&B meer in je eigen woning?
Alsof dat nog niet genoeg is, blijkt uit onderzoek van De Telegraaf dat banken steeds vaker huiseigenaren blokkeren die een Bed & Breakfast aan huis willen beginnen. Zelfs wanneer het om twee kamers gaat in de eigen woning, zonder aparte opgang, weigeren geldverstrekkers medewerking of eisen ze herfinanciering.
Voor gemeenten die graag inzetten op spreiding van toerisme en lokaal ondernemerschap is dat een zorgelijke ontwikkeling. Kleinschalige B&B’s zorgen voor levendigheid, behoud van karakteristieke panden én extra inkomsten op het platteland. Maar zonder toegang tot financiering valt het fundament onder veel van deze initiatieven weg.
En dan de toeristenbelasting nog…
Alsof het ondernemers niet al moeilijk genoeg wordt gemaakt, gooien veel gemeenten daar nog een schepje bovenop. De toeristenbelasting stijgt de laatste jaren gestaag. Sommige gemeenten verhogen het tarief met dubbele cijfers, deels als reactie op landelijke bezuinigingen. In 2026 worden opnieuw forse stijgingen verwacht, mede door het ‘ravijnjaar’ waarin gemeenten financieel worden teruggeworpen.
Hoewel de opbrengst van toeristenbelasting oorspronkelijk bedoeld was om toeristische voorzieningen mee te financieren, belandt het geld tegenwoordig vaak in de algemene middelen. Ondernemers draaien op voor het innen en afdragen, terwijl de bestemming van de opbrengst onduidelijk blijft.
Een gevaarlijke stapeling
Wat al deze maatregelen met elkaar gemeen hebben? Ze zetten druk op ondernemers die zich de afgelopen jaren juist hebben bewezen als flexibel, creatief en veerkrachtig. Het is niet de grote projectontwikkelaar die als eerste geraakt wordt, maar de zelfstandige met een B&B, de familie met een camping, de investeerder die duurzaam wil bouwen.
En ook gemeenten moeten zich zorgen maken. Want als toeristische bedrijven verdwijnen, verdwijnen ook werkgelegenheid, levendigheid en inkomsten. De gastvrijheidssector is méér dan een luxeproduct: het is een essentieel onderdeel van onze regionale economie.
Tijd voor heroverweging
De vraag die nu boven de markt hangt is: waar stopt het? En belangrijker: wie neemt het voortouw om beleid te herzien? Brancheorganisaties hebben hun zorgen geuit, maar het is tijd dat ondernemers, beleidsmakers en financiers met elkaar in gesprek gaan.
Want als Nederland echt werk wil maken van duurzame, regionale recreatie, dan moet het ondernemers niet belasten, maar ruimte geven.
Bronnen:
– aaff.nl – Btw op logies stijgt per 2026
– Belastingdienst – Tegenbewijsregeling box 3
– De Telegraaf – Huiseigenaren willen B&B, maar bank ligt dwars
– Gemeentelijke begrotingsstukken en beleidsnotities 2024–2025
– HISWA-RECRON – Position paper btw-verhoging

