De bekende blauwe borden langs de snelweg krijgen een stille make-over. Bekende toeristische trekpleisters zoals de Efteling, Autotron, Beekse Bergen, Eindhoven Airport en tal van musea en zwembaden verdwijnen één voor één uit beeld. Geen incident, maar beleid. Rijkswaterstaat voert in hoog tempo een landelijke sanering van toeristische verwijzingen door. De impact is fors – voor heel toeristisch Nederland.
Wat er precies gebeurt? Sinds 2005 hanteert Rijkswaterstaat een helder uitgangspunt: toeristische locaties, luchthavens, ziekenhuizen en bedrijventerreinen die niet direct aan de snelweg liggen, worden niet langer op de blauwe hoofdbewegwijzering vermeld. Alleen plaatsnamen blijven staan. Alles daarbuiten wordt beschouwd als ‘niet-weggebonden voorziening’ en wordt geschrapt.
De reden: overzicht. Volgens Rijkswaterstaat waren de oude borden te druk en daarmee potentieel onveilig. Door alleen nog essentiële informatie te tonen, wil men zorgen voor minder afleiding. Het resultaat: kortere teksten, minder pijlen, geen toeristische namen meer.
De gevolgen zijn zichtbaar. Op trajecten zoals de A59 in Brabant zijn inmiddels tientallen borden vervangen. Waar vroeger ‘Kruisstraat. Autotron. Crematorium’ stond, blijft nu alleen ‘Kruisstraat’ over. Ook verwijzingen naar Eindhoven Airport verdwijnen stapsgewijs. Maar de operatie is landelijk. Elke regio met toeristische voorzieningen naast een snelweg krijgt ermee te maken – van Zeeland tot Groningen, van Noord-Holland tot Limburg.
De toeristische sector verliest daarmee een belangrijk communicatiekanaal. Blauwe borden langs snelwegen vervulden jarenlang een rol in de oriëntatie van recreanten en dagjesmensen. De verwijdering van die namen betekent een forse daling in zichtbaarheid. Zeker voor locaties die het moeten hebben van spontane uitstapjes.
In de plaats van de blauwe borden komen serviceborden: kleinere panelen die op ongeveer 900 meter voor een afslag verwijzen naar voorzieningen. Maar ze zijn beperkt in ruimte, minder opvallend en vaak onbekend bij het grote publiek.
Voor toeristische ondernemers en regionale marketingorganisaties betekent dit een heroriëntatie. Wie zichtbaar wil blijven, zal moeten investeren in digitale vindbaarheid via apps, kaarten en navigatieplatforms. En waar mogelijk samenwerken met gemeenten om lokale of regionale bewegwijzering aan te vullen.
De sanering van toeristische borden is al gestart, maar nog lang niet afgerond. Rijkswaterstaat werkt stapsgewijs door het land, met steeds nieuwe trajecten op de planning. De verwachting is dat in de komende jaren vrijwel alle oudere borden verdwijnen of worden vervangen.
Wat resteert is een nettere snelweg. Maar wel één waarin toeristisch Nederland grotendeels buiten beeld is geraakt.

